
De provincie Drenthe gaat bij de Tweede Kamer en het kabinet aandringen om nog eens te kijken naar het besluit om damherten van de vrijstellingslijst van huis- en hobbydieren te halen. Dat heeft Provinciale Staten woensdagavond besloten na een stemming van een motie van de VVD om hertenkampen te behouden.
In de provincie zijn veel hertenkampen, waarvan de oudste in Assen staat. Deze stamt uit 1814.
Hertenkampen mogen vanaf 1 januari volgend jaar geen nieuwe damherten meer toevoegen aan hun dierenbestand. Bestaande hertenkampen mogen nog wel damherten houden, totdat ze dood gaan. Ook mag er niet meer gefokt worden met herten.
De Huis- en hobbydierenlijst is de nieuwe ‘positieflijst’. Dit is een lijst met zoogdieren die je in huis of voor je hobby mag houden. Voor dieren die daar niet op staan, gaat na 1 januari 2024, als de lijst in zou moeten gaan, een overgangsregeling in. Je mag het dier dan nog houden tot het doodgaat maar er mag niet meer mee gefokt worden. Het betreffende dier mag na de ingangsdatum niet meer verkocht worden.
Op de lijst staan huis- en hobbydieren als een hond, kat, paard, geit of koe. Vreemd genoeg staan de lama, kameel en de alpaca, geen inheemse dieren, wél op de lijst en het hertje niet. Voor reptielen, vogels en amfibieën komen in een later stadium lijsten.
De motie werd ingediend door VVD en medeondertekend door Sterk Lokaal, PVV, JA21, FVD en CDA en met 24 stemmen voor en 13 stemmen tegen aangenomen.
Minister Piet Adema van Landbouw vindt in de Tweede Kamer voldoende steun om damherten in hertenkampen te verbieden.
De Renkumer Edwin Martens is een petitie
gestart om herten ook op de lijst te laten zetten.